Column Hans Zwetsloot: Soms is er geen weg meer terug . . . .

409
Hans Zwetsloot ONDB
Hans Zwetsloot, ondernemer bij STOL architecten en voorzitter van het ONDB

In 1999 ging ik ooit de marathon van New York lopen. Een evenement waar, naar zeggen van de organisatie, wel 2.000.000 toeschouwers langs de kant zouden staan. Dan is op voorhand bijna niet voor te stellen wat je daar gaat aantreffen, maar ja, in het vliegtuig ernaartoe deed ik toch een voorzichtige poging . . . .

Als je je beseft dat de marathon “máár” 42 kilometer en 195 meter lang is (dus laten we zeggen met start- en finishgebied erbij zo’n 43 kilometer) en er “máár” twee kanten van de weg zijn, dan wordt het nog een hele toer om al die 2 miljoen mensen daar ergens een plek te geven. Zet je iedereen schouder-aan-schouder neer dan krijg je ze toch echt niet dichter bij elkaar dan hart-op-hart zo’n 60 centimeter (en dan wordt het best al wel een beetje “ongemakkelijk knus” voor de meesten). Dus dan kun je aan elke kant van de route op de voorste rij maar maximaal zo’n 72.000 toeschouwers kwijt, oftewel in totaal 144.000 op de “front-row”. Om dan toch nog aan die 2.000.000 te kunnen komen zouden alle toeschouwers langs de hele route dan dus aan weerszijden van de weg, naast schouder-aan-schouder, ook nog eens bijna veertien rijen dik moeten staan. En daar zou ik dan twee dagen later gewoon tussendoor gaan lopen. Dat was inderdaad bijna niet voor te stellen . . . .

De praktijk bleek uiteindelijk toch wel een héél stukje anders, want op de eerste drie kilometer, op de beroemde Verrazzano Narrows Bridge, stond nog helemaal niemand (dat kón daar namelijk niet), dat kwam pas verderop, maar ook daar waren nog hele stukken van de route waar de mensen vaak alleen maar op de eerste rij en royaal uit elkaar stonden. De echte drukte kwam pas na het “halfway-point”, nadat ik over de Queensboro Bridge de wijk Manhattan binnen rende. Daar liep je pas in een échte menigte, maar dat reduceerde dan later in Central Park al weer tot maar een enkel rijtje mensen. Pas toen ik Central Park verliet voor de laatste helling naar Columbus Circle en daarna Central Park weer insloeg voor het finishtraject werden het pas weer die “beloofde” mensenmassa’s. Ik weet zeker dat het er veel minder dan een miljoen geweest moeten zijn, maar het was er zeker niet minder indrukwekkend om. Gewoon kippenvel over mijn hele lijf, ik zou het zó weer doen . . . .

Blijkbaar “tellen” de organisatoren van dit soort evenementen toch op een ander wijze als het om de eigen toeschouwersaantallen gaat. Al is het maar om steeds het aantal van het jaar ervoor te evenaren of liefst zelfs nog te overtreffen en dan kom je uiteindelijk toch kennelijk op die “onvoorstelbare” 2 miljoen uit . . . .

Afgelopen zaterdag was het Bloemencorso van de Bollenstreek. Een schitterend evenement en een fantastische promotie voor onze streek. Op de radio werd ‘s avonds gemeld dat er volgens de organisatie wederom zo’n 1 miljoen bezoekers langs de route hadden gestaan en dat de Bollenstreek compleet verstopt zat. Ik dacht terug aan mijn rekensom van destijds in het vliegtuig. Als je op de route van het corso (die zo’n 30 kilometer lang is) 1 miljoen mensen zou willen neerzetten betekent dat dat op de hele route de mensen dan tien rijen dik en schouder-aan-schouder aan elke kant van de weg gestaan zouden moeten hebben. Ik weet niet of u bent wezen kijken, of dat u er beelden van gezien heeft (of dat u met uw voeten in het water van de Leidsevaart gestaan heeft ?), maar ook hier wordt kennelijk niet helemaal goed geteld of ook hier moet kennelijk een mythe in stand gehouden worden . . . .

Laat duidelijk zijn dat het evenement er niet minder mooi en imponerend om wordt. Maar het geeft wel aan dat áls je eenmaal aan het overdrijven slaat er vaak geen weg meer terug is. En dus zullen zowel de marathon van New York als het Bloemencorso van de Bollenstreek nog wel vele jaren hun zelfde bezoekersaantal hebben van respectievelijk twee en één miljoen; zelfs als het die dagen regent en koud is . . . .

De moraal van dit verhaal: Pas op met overdrijven, want je boet ermee in op je eigen geloofwaardigheid. Hoe mooi en fantastisch je eigen prestatie in werkelijkheid ook is.

Bij de marathon van New York en bij het Bloemencorso van de Bollenstreek is er op dit punt inmiddels al geen weg terug meer. Maar dat is op zich nog wel logisch, want ook de routes gaan daar beiden immers altijd maar één kant op . . . .

            Hans Zwetsloot

(voorzitter ONDB)